Welke wtw unit je nodig hebt, hangt vooral af van de inhoud van je woning in kubieke meters en het ventilatiedebiet dat daarvoor vereist is. Als vuistregel geldt: bereken het totale volume van de te ventileren ruimtes, en kies een unit die dat volume minstens éénmaal per uur volledig kan verversen. Kom je daar niet zeker over uit, dan is het verstandig om de capaciteit iets ruimer te nemen dan strikt noodzakelijk.
Hoe bereken je welke wtw unit je nodig hebt?
De capaciteit van een wtw unit wordt uitgedrukt in kubieke meter per uur (m³/h). Om te bepalen welke capaciteit jij nodig hebt, volg je drie stappen:
- Stap 1: Meet het vloeroppervlak van alle ruimtes die geventileerd worden, en vermenigvuldig dat met de plafondhoogte. Zo krijg je het volume in m³.
- Stap 2: Bepaal het benodigde debiet. Volgens de Nederlandse bouwregelgeving (NEN 1087) moet er in een woning minimaal 0,9 m³/h per m² worden geventileerd, met een minimum van 25 m³/h per verblijfsruimte. Voor een gemiddeld rijtjeshuis van 120 m² met een hoogte van 2,60 m kom je uit op een volume van circa 312 m³. Een unit met een capaciteit van 300 tot 400 m³/h is dan passend.
- Stap 3: Neem een kleine buffer. Kies bij twijfel de eerstvolgende grotere maat. Een unit die op 70 tot 80 procent van zijn maximale capaciteit draait, is stiller en gaat langer mee dan een unit die altijd op zijn limiet zit.
Woningtype als uitgangspunt
In de praktijk geldt voor de meeste woningtypen een globale richtlijn die je snel op weg helpt. Een appartement of klein rijtjeshuis tot 100 m² heeft doorgaans genoeg aan een unit van 200 tot 300 m³/h. Een gemiddeld rijtjeshuis of twee-onder-een-kapwoning van 100 tot 150 m² vraagt al snel een unit van 300 tot 400 m³/h. Voor een vrijstaande woning boven de 200 m² kijk je naar units van 400 m³/h of meer, soms zelfs twee aparte units.
Let op: dit zijn richtlijnen. Als jouw woning extra groot is, veel slaapkamers heeft, of als er sprake is van een bijzonder lage of juist hoge plafondhoogte, kan de benodigde capaciteit afwijken. Laat je bij twijfel adviseren door een installateur of een bouwkundige.
Andere factoren die je keuze beïnvloeden
Naast de capaciteit zijn er meer dingen die bepalen welke unit bij jouw situatie past. Hieronder de belangrijkste:
- Geluidsniveau: Een wtw unit staat vaak in een technische ruimte, maar het geluid kan doorwerken in de woning via het leidingwerk. Kijk naar het geluidsvermogen in dB(A), zeker als de unit dicht bij slaapkamers zit.
- Rendement (warmteterugwinning): Een goed apparaat haalt 85 tot 95 procent van de warmte terug uit de afgevoerde lucht. Hoe hoger het rendement, hoe lager de stookkosten. Bij een Energielabel A of B-woning weegt dit zwaarder mee dan bij een ouder huis dat nog slecht geïsoleerd is.
- Filterkwaliteit: Units worden geleverd met filters van klasse G4 (grof) tot F7 (fijn). Heb je last van allergieën of woon je in een stad met fijnstofproblematiek? Kies dan minimaal een F7-filter of een unit die dit ondersteunt.
- Aansluitmogelijkheden: Controleer de afmetingen van de unit en de doorsnede van de aansluitingen (vaak 160 mm of 200 mm). Niet elke unit past zomaar in de bestaande leidinginfrastructuur van een bestaande woning.
- Bediening en regeling: Wil je de unit koppelen aan een slimme thermostaat of app? Niet alle modellen ondersteunen dat standaard. Sommige units werken ook met een CO₂-sensor of luchtvochtigheidsensor voor vraaggestuurde ventilatie, wat comfortabeler en energiezuiniger is.
Nieuwbouw of renovatie: andere eisen
Bij nieuwbouw is een wtw unit met hoog rendement al vaak verplicht vanuit het Bouwbesluit. Je werkt dan van tevoren een volledig ventilatieplan uit, inclusief leidingdiameters en plaatsing van de unit. Bij een renovatie is het anders: je past een bestaand systeem aan of vervangt een oudere mechanische ventilatie. In dat geval is het slim om eerst te controleren of de bestaande kanalen geschikt zijn voor een wtw systeem, want de luchtstromen van afvoer én toevoer moeten allebei via geïsoleerde kanalen lopen.
Een wtw unit in een renovatiewoning vereist ook aandacht voor de buitenluchtaansluiting en de afvoer van condenswater. Dat zijn technische details die bij nieuwbouw al zijn ingepland, maar bij verbouw achteraf goed doordacht moeten worden.
Veelgemaakte fouten bij het kiezen van een wtw unit
De grootste fout is een unit kiezen op basis van prijs alleen, zonder te kijken naar de capaciteit en het rendement. Een goedkope unit die te klein is, zal altijd op maximale stand draaien: dat kost meer energie, maakt meer lawaai en gaat sneller stuk. Andersom is een te grote unit ook niet ideaal, omdat je dan onnodig veel betaalt en de unit te weinig draait voor een goed rendement.
Een andere veelgemaakte fout: vergeten te rekenen met de luchtweerstand van het leidingwerk. Hoe langer en smaller de kanalen zijn, hoe meer weerstand er ontstaat. Dat verlaagt het effectieve debiet. Een installateur kan met een drukvalsberekening bepalen of de unit zijn nominale capaciteit ook daadwerkelijk haalt in jouw situatie.
De juiste wtw unit kiezen lukt het best als je begint met de berekening van het benodigde debiet, daarna rekening houdt met het rendement en het geluidsniveau, en pas tot slot kijkt naar de prijs. Neem bij een complexe situatie altijd contact op met een erkend installateur die een ventilatieberekening kan maken op basis van jouw specifieke woning.



