Een wtw-installatie (warmteterugwinning) werkt door de warmte uit vervuilde binnenlucht op te vangen en die warmte over te dragen aan de verse buitenlucht die naar binnen wordt gebracht. Zo gooi je geen energie weg als je ventileert. Het resultaat: frisse lucht in huis, zonder dat je telkens kostbare warmte verliest.
Wtw staat voor warmteterugwinning, ook wel WTW of balansventilatie met warmteterugwinning genoemd. Het systeem is inmiddels standaard in nieuwbouwwoningen en wordt ook vaak geïnstalleerd bij renovaties waarbij goed geïsoleerd wordt.
De kern: hoe werkt een wtw-installatie precies?
Het hart van de installatie is een warmtewisselaar. Dit is een compacte unit met twee gescheiden luchtstromen die elkaar kruisen zonder te mengen. De warme, “vuile” lucht uit de keuken, badkamer en toilet stroomt aan de ene kant door de wisselaar. De koude, verse lucht van buiten stroomt aan de andere kant langs. De warmte gaat over van de ene stroom naar de andere, maar de lucht zelf blijft gescheiden.
In de praktijk werkt dit zo: binnen heb je twee aparte kanaalstelsels. Eén stelsel voert verse lucht aan naar de woon- en slaapkamers. Een ander stelsel zuigt verbruikte lucht af uit de “natte” ruimtes. Beide stromen lopen door de warmtewisselaar. De ventilator in de unit zorgt voor de luchtcirculatie in beide richtingen tegelijk.
Welke onderdelen zitten in het systeem?
- Warmtewisselaar: de kern van de unit, waar de warmteoverdracht plaatsvindt. De meest gebruikte variant is de tegenstroom- of kruisstroomwisselaar van aluminium of kunststof.
- Twee ventilatoren: één voor de afvoer van binnenlucht, één voor de aanvoer van buitenlucht.
- Filters: aan de buitenluchtzijde zit altijd een filter om stof, pollen en fijnstof tegen te houden. Aan de afvoerkant zit ook een filter om de wisselaar schoon te houden.
- Kanaalwerk: een netwerk van buizen (vaak flexibel of stijf pvc) dat de unit verbindt met de ventilatiepunten in de woning.
- Bedieningspaneel of app: waarmee je de ventilatiesnelheid instelt op stand 1 (laag), 2 (normaal) of 3 (hoog).
Wat is het rendement van een wtw-installatie?
Goede wtw-units halen een thermisch rendement van 85 tot 95 procent. Dat betekent dat van de warmte die anders verloren zou gaan bij ventileren, 85 tot 95 procent teruggewonnen wordt. Bij een buitentemperatuur van 0°C en een binnentemperatuur van 20°C levert de unit dan verse lucht aan van al snel 17 tot 19°C. Je hoeft die lucht daarna nauwelijks bij te verwarmen.
Het verschil tussen een wtw-systeem en gewone mechanische afzuiging (type C-ventilatie) is groot. Bij type C zuig je warme binnenlucht weg en komt er koude buitenlucht via kieren en roosters naar binnen. Met wtw gebruik je diezelfde warmte opnieuw.
Luchtstromen in de woning: hoe zijn die ingedeeld?
Bij een wtw-installatie maak je onderscheid tussen toevoer- en afvoerruimtes. Verse lucht wordt aangeblazen in de woonkamer en slaapkamers (de “droge” verblijfsruimtes). Verbruikte lucht wordt afgezogen uit de badkamer, het toilet, de keuken en de bijkeuken. Tussendeuren en deuronderdoorgangen zorgen ervoor dat de lucht van de toevoerpunten naar de afvoerpunten kan stromen.
Dit principe heet “gebalanceerde ventilatie”: de hoeveelheid ingeblazen lucht is gelijk aan de hoeveelheid afgezogen lucht. Hierdoor ontstaat geen onderdruk of overdruk in de woning.
Onderhoud: wat moet je bijhouden?
Een wtw-installatie werkt alleen goed als je hem onderhoudt. De filters zijn het belangrijkste onderdeel. In de meeste woningen moeten die elke drie tot zes maanden gecontroleerd worden en minstens één tot twee keer per jaar vervangen. Een verstopt filter verlaagt het rendement direct en kan de ventilatoren belasten.
Naast filters adviseren installateurs om het kanaalwerk eens in de vijf tot tien jaar te laten inspecteren op vervuiling. De warmtewisselaar zelf is vrijwel onderhoudsvrij, maar bij zichtbaar vuil kun je hem voorzichtig reinigen met lauwwarm water.
Wanneer werkt een wtw-installatie minder goed?
Een wtw-systeem rendeert het best in goed geïsoleerde, luchtdichte woningen. In een slecht geïsoleerd huis met veel kieren gaat de warmtewinst verloren via de bouwschil, nog voordat de verse lucht zijn werk kan doen. Ook als het kanaalwerk slecht is aangelegd (te veel bochten, lekkende verbindingen of te kleine buisdiameters), verlies je rendement en geluid neemt toe.
Bij zeer lage buitentemperaturen (onder min 5 à min 10°C) kan condens in de wisselaar bevriezen. Goede units hebben hiervoor een vorstbeveiliging die de afvoer tijdelijk stillegt of een voorverwarmingsspiraal gebruikt. Let bij de aanschaf op of die functie aanwezig is.
Een wtw-installatie is een slim systeem dat verse lucht en energiebesparing combineert, maar het vraagt om een goede aanleg en regelmatig onderhoud aan de filters. Kloppen die twee dingen, dan is de warmteterugwinning jarenlang betrouwbaar en vrijwel geruisloos.



